Bereken in een oogopslag hoeveel bacteriostatisch water je toevoegt en wat elke dosis betekent op een insulinespuit. Voor onderzoek, research use only.
De calculator doet het rekenwerk dat bij het reconstitueren van een peptide komt kijken. Je vult in hoeveel peptide er in je flacon zit, hoeveel bacteriostatisch water je toevoegt en welke dosis je per keer wilt aanhouden. Op basis daarvan zie je meteen de concentratie, hoeveel je per dosis moet trekken en hoeveel doses er uit een flacon komen. Zo voorkom je reken- en schatfouten voordat je begint.
Hoeveel milligram peptide zit er in je flacon? Dat staat op het etiket en het COA.
Hoeveel milliliter bacteriostatisch water voeg je toe? Meer water is een lagere concentratie.
De calculator geeft de eenheden op de insulinespuit en het aantal doses per flacon.
De concentratie vertelt hoeveel microgram peptide er in een milliliter oplossing zit. Het volume per dosis is de hoeveelheid vloeistof die overeenkomt met jouw gewenste dosis, en de eenheden zetten dat volume om naar de streepjes op een standaard U-100 insulinespuit, waarbij honderd eenheden gelijk zijn aan een milliliter. Tot slot laat het aantal doses per flacon zien hoe lang je met een flacon doet bij die dosis. Werk je liever helemaal zonder rekenen, dan zijn de peptide pennen voorgedoseerd.
Stel je hebt een flacon met tien milligram peptide en je voegt twee milliliter bacteriostatisch water toe. De concentratie wordt dan vijfduizend microgram per milliliter. Wil je een dosis van tweehonderdvijftig microgram aanhouden, dan trek je een twintigste milliliter op, wat overeenkomt met vijf eenheden op de insulinespuit. Uit die flacon komen bij deze dosis veertig doses. Verander je een van de drie waarden, dan schuift de rest meteen mee: voeg je minder water toe, dan wordt de oplossing geconcentreerder en trek je een kleiner volume voor dezelfde dosis. Zo zie je in een oogopslag welke verhouding het handigst uitkomt voor je onderzoek.
Reconstitueren lijkt eenvoudig, maar juist bij kleine hoeveelheden zit een schatfout zo gemaakt. Een verkeerde verhouding tussen poeder en water betekent dat elke afname niet klopt, en dat werkt door in al je resultaten. Door de verhouding vooraf uit te rekenen weet je precies wat je in handen hebt, en kun je consequent dezelfde hoeveelheid aanhouden. Dat maakt je onderzoek herhaalbaar, wat de kern is van betrouwbaar werken. Combineer de calculator daarom met een goede kwaliteitscontrole: eerst weten dat de stof zuiver is, dan weten dat je verhouding klopt. Meer over het aanmaken zelf lees je in de gids over bacteriostatisch water.
Je vult drie dingen in: hoeveel peptide er in de flacon zit (in milligram), hoeveel bacteriostatisch water je toevoegt (in milliliter) en de dosis die je per keer wilt aanhouden (in microgram). De calculator rekent daaruit de concentratie, het volume per dosis, de eenheden op een insulinespuit en het aantal doses per flacon uit.
Een standaard insulinespuit is een U-100 spuit: die is verdeeld in 100 eenheden per milliliter. Eenheid 50 komt dus overeen met een halve milliliter. De calculator zet het volume per dosis meteen om naar dat aantal eenheden, zodat je het makkelijk kunt aftekenen.
De concentratie bepaalt hoeveel vloeistof je per dosis nodig hebt. Voeg je meer water toe, dan wordt de concentratie lager en trek je een groter volume per dosis. Minder water betekent een hogere concentratie en een kleiner volume. Zo houd je grip op de verhouding.
Nee. Dit is een rekenhulp voor onderzoek. De peptiden zijn research use only, uitsluitend bedoeld voor laboratorium- en onderzoeksdoeleinden en niet voor menselijke of dierlijke consumptie. We doen geen uitspraken over dosering voor gebruik.
Bestel je peptiden en bacteriostatisch water in een keer, uit een Nederlands ISO-gecertificeerd lab en met COA per batch.
Naar peptiden kopen Bacteriostatisch water